Filed under Mijn leven zoals het is

Lente

Met temperaturen rond de tien graden Celsius, een blauwe hemel en een stralende zon, was het vandaag heerlijk vertoeven buiten. Even leek de winter voorbij en plaats te hebben gemaakt voor de lente. Op een dak even buiten het centrum van Brussel bekroop me een eerste lentegevoel.

En zon associeer ik niet alleen met de lente, maar ook – en zeker – met de zomer! Om de sleur van de donkere dagen van de winterperiode te doorbreken, en om het lente- en zomergevoel nog wat aan te wakkeren, zocht ik nog eens dit liedje van vorige zomer op:

Getagged , , ,

De eeuwige jachtvelden

Enkele maanden geleden ben ik aan een nieuwe opleiding begonnen. Tijdens mijn opleiding journalistiek kreeg ik te maken met het medium radio en raakte er steeds meer door geïntrigeerd. Daarom besloot ik om na drie jaar Kortrijk voor Brussel in te ruilen, en radio te gaan studeren aan het Rits. Wellicht past het woord be-studeren hier beter, want naast enkele theoretische vakken krijg je vooral heel wat praktijk voorgeschoteld.

Zo’n praktijkvak is radioprogrammasamenstelling, gedoceerd door Lieve De Maeyer, ex-Studio Brussel en nu Radio 1-presentatrice- en medewerkster. Voor haar maakte ik afgelopen maand een eerste radioprogramma. Een kort programma weliswaar (23′), want het zijn nog maar de eerste stappen in de radiowereld. Hieronder kan je luisteren naar ‘De eeuwige jachtvelden’, een (praat)programma over sterven en leven na de dood.

De eeuwige jachtvelden by FrederikDebrabandere

Getagged , ,

Michel

Mijn grootvader mag eind augustus 84 kaarsjes uitblazen. Hij is de pater familias, grootvader van dertien kleinkinderen en sinds vorig jaar ook een trotse overgrootvader. Maar wat weet ik van hem, buiten dat hij een enorm positieve mens is die er geregeld wel eens een aangebrande mop tussen durft smijten of soms decennia oude herinneringen ophaalt? Voor mijn afstudeerproject besliste ik een radioportret van hem te maken. Uit liefde en respect voor een man die ondanks zijn tekortkomingen het leven toelacht, ook al lacht het leven niet altijd terug.


(Als de bovenstaande speler niet wil starten, dan kan je het radioportret hier downloaden.)

What happens in Amsterdam, stays in Amsterdam

Vorig weekend trok ik voor de derde keer naar de stad van de drugs, de stad van de hoeren, de hoofdstad van Nederland: Amsterdam. Ik was er al twee keer eerder geweest: in de herfst van 2008 en vorige zomer. Het lijkt traditie te worden de stad één keer per jaar te bezoeken. Opnieuw heeft ze mij met al haar pracht overdonderd.

Dit keer leerde ik ook een ander deeltje van de binnenstad kennen. Ik was er vorige zomer al even doorgewandeld, op weg naar het station, maar er mij niet ten volle van bewust door welke mooie buurt ik liep. Chinatown is een smalle straat, met links en rechts Chinese, Japanse en Thaise bars en restaurantjes, en zelfs een boeddhistische tempel. Er lopen hoofdzakelijk Aziaten rond, vaak toeristen, maar daartussen ook westerlingen. Chinatown is een melting pot, net als Brussel, maar dan mooier.

Later kwam ik ook op het Rembrandtplein. Een typisch stadsplein met gras en boompjes, en aan de rand grote terrassen. Dat de tram er dwars doorheen rijdt, is niet eens erg, het is zelfs charmant. Ik en mijn gezelschap zetten ons aan een van de vele tafeltjes en genoten bij een pintje – een pilsje of biertje in Amsterdam, een pintje kennen ze er niet – van de lentezon.

Ik kwam voor het eerst ook in de buitenwijken van Amsterdam, om te overnachten bij een vriend. Het zijn niet de buitenwijken die we bij ons kennen, smalle tegen elkaar aangeplakte rijhuisjes met een klein voortuintje. Nee. De Amsterdamse buitenwijken zijn nette, mooi georganiseerde buurten met modern ogende appartementsgebouwen en hier en daar een middelgroot grasplein. De wegen zijn er kaarsrecht, de bermen goed onderhouden en ‘s nachts is het er kalm en rustig.

Op de terugweg naar huis zei ik het ook aan mijn kameraad die mee was: Amsterdam is een stad waar ik ooit nog eens zou willen wonen. Niet heel mijn leven, maar op zijn minst een aantal jaar. Want elke keer opnieuw verlaat ik na enkele dagen met spijt in het hart die prachtige stad die nooit lijkt te slapen, die met al haar verschillende culturen, haar schitterende grachten, en haar schijnbare laisser-faire-mentaliteit steeds opnieuw het mooiste in zichzelf naar boven haalt.

Getagged

Witte winterdagen

Gisteren zei een vriend me dat ik al lang niets meer gepost had hier. Om zijn donkere blokdagen wat op te vrolijken, hier dus een nieuwe post.

Maar waarover eigenlijk? Ook ik zit in ‘den blok’, al kan je het moeilijk ‘blok’ noemen als je vier examens hebt op drie weken tijd. Dan past het softe lagereschoolwoord ‘proefwerken’ er beter bij. Nee, het zijn geen zware mentale dagen.

Misschien over de media, één van m’n stokpaardjes. Want met het nieuwe jaar én nieuwe decennium nog maar net op gang geschoten, hebben de media er alweer hun zwarte pagina van het jaar op zitten. Televisie- en krantenredacties deden er opnieuw alles aan om als eerste en zo exclusief mogelijk elk spitant detail te weten te komen in de dubbele moordzaak in Halen. Twee jongeren werden er koelbloedig vermoord door een – zelfverklaarde – moegetergde buurman. En dat is, dat zal niemand ontkennen, een vreselijke misdaad. Maar dat geeft, in mijn ogen, de media nog steeds niet het recht de privacy van de man te schenden. Helaas. De kranten stonden de afgelopen dagen vol met foto’s van de (duidelijk herkenbare) dader, zijn huis, zijn stamkroeg, enz. Braakneigingen en erectiestoornissen bleven nog net achterwege. Daarom wil ik hier dus niet verder over uitwijden.

Misschien kan ik het dan hebben over het laatste semester van mijn studies journalistiek. Nog zes maanden ben ik – hopelijk – verwijderd van mijn diploma journalistiek. Tussen hier en dan liggen nog een stage van drie maanden, en een eindwerk van minstens zestig pagina’s. Die stage doe ik bij De Standaard Online. Mijn eindwerk gaat dan weer over de radiodocumentaire in Vlaanderen en Nederland. Laten we hopen dat die twee zaken goed verlopen, al heb ik er een goed oog in. Ik laat jullie wel weten wanneer het zover is.

Waarover kan ik het nog hebben? Over de vele frustraties die ik de afgelopen maanden alweer gehad heb? De vele discussies over vanalles en nog wat? Nee, misschien moet ik het daar niet over hebben. Oude koeien uit de gracht halen en zo, je kent het wel.

Sorry vriend, maar je zal het met dit bericht moeten doen. Voor vragen en zo weet je me wel te bereiken. Aan alle anderen: tot de volgende!

P.S.: Sorry voor de inspiratieloze titel van dit bericht. De koude heeft mijn hersenen aangetast.

“A little learning is a dangerous thing”

Je gedachten op papier zetten schijnt helend te werken. Niet dat ik ziek ben, maar af en toe zou ik ook wel eens mijn gedachten op een rij willen zetten in een blog, zoals zovelen doen. Alleen vraag ik mij dan af welke gedachten. Want ik ben heus niet iemand die zomaar al z’n sores te grabbel gooit op het wereldwijde web. Ik wil toch nog een béétje privacy, want met al die netwerksites is zelfs dat haast niet meer gewaarborgd.

Nuja, ik doe er ook maar vrolijk aan mee. Er gaat geen dag voorbij, of ik zit minstens twee à drie uur op Facebook. Onlangs ben ik ook geplooid voor Twitter, zoiets als Facebook, maar heel basic: gewoon een kort berichtje, en that’s it. Op Facebook kan je dan nog es spelletjes spelen, meedoen aan quizzen, lid of fan worden van de meest onnozele groepen… Allemaal ter bevordering van het sociaal netwerk van de internaut. Maar zoals ik al zei, je kan niemand beschuldigen of terechtwijzen als je in dezelfde situatie verkeert.

Waar ik me de laatste tijd mateloos aan geërgerd heb, is de hele hetze rond de Mexicaanse griep. De pers heeft er de afgelopen weken gelukkig iets minder druk over gedaan, maar toen deze week een eerste dodelijk slachtoffer viel in België, vreesde ik wel even dat de paniek opnieuw zou losbarsten, zoals ze ook losbarstte doen de eerste dodelijke slachtoffers vielen in Mexico en het virus zich als een lopend vuurtje verspreidde over de wereld. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) sprak grote taal en voorspelde een pandemie die wel eens een aanzienlijk deel van de wereldbevolking de dood zou kunnen injagen.

Het duurde dan ook niet lang of de eerste griepgevallen doken ook in Europa op. Opmerkelijk was wel dat de Europese ‘variant’ iets minder agressief was: minder mensen bezweken aan het virus. Maar door het vooropgesteld doemscenario van het WHO was het kwaad geschied en was een massahysterie ontstaan. Binnen de kortste keren waren de griepremmers uitgeput, en ook de vraag naar mondmaskers oversteeg haast het aanbod. Gelukkig hielden de Belgische autoriteiten het hoofd koel en beslisten ze alleen de risicogroepen aan te pakken. Iedereen die daarbuiten viel, moest gewoon uitzieken. Want wat bleek? Dat fameuze Mexicaanse griepvirus bleek in onze contreien een gewone seizoensgriep te zijn, misschien iets gevaarlijker, maar zeker niet levensbedreigend!

Jammer genoeg zijn er nog altijd mensen die denken dat ze bij het minste kriebelhoestje de Mexicaanse griep hebben. Die vervolgens naar hun dokter gaan en te horen krijgen dat ze niet hoeven te vrezen: “U bent niet besmet, u heeft gewoon een hoestje, mevrouw.” Diegenen die winnen aan deze massahysterie zijn dan ook de dokters en de farmaceutische sector. Die laatste kon er niet snel genoeg bijzijn om een griepvaccin op de markt te gooien. De modale burger zou dan naar z’n dokter gaan om een spuitje, met een gerust hart naar huis keren en de farmaceutische sector op die manier weer wat rijker maken.

Verstaat u mijn ergernis? Massahysteries als deze zijn voor niets nodig, ze zorgen er alleen maar voor dat malafide personen er heel wat voordeel uit kunnen halen. En nu verwacht u waarschijnlijk nog een alinea met heel wat hersenkronkels, maar dat had u gedroomd. Ik wil afsluiten met de beroemde quote van Walter Cronkite: “A little learning is a dangerous thing.” En mocht u opzoeken wat Cronkite met deze woorden bedoelt, dan zal u begrijpen waarom ik ze hier aanhaal.

Getagged , ,
Follow

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 86 other followers